Kitabı oku: «Franse Toestanden», sayfa 4

Yazı tipi:

Ik mag hier niet onvermeld laten dat onze ROI-CITOYEN zich bij deze algemene rampspoed zeer burgerlijk- medevoelend en edel gedragen heeft, en veel geld uitgegeven heeft voor de armen. En nu ik toch op dreef ben, wil ik ook de aartsbisschop van Parijs, Graaf Quelen, hier loven. Na het bezoek van de kroonprins en Périer, is ook hij in het Hôtel-Dieu de zieken komen troosten. Hij had nochtans lang daarvoor al voorspeld dat God de cholera als straf zou sturen, om een volk te tuchtigen "dat het bestaan had, de meest christelijke koning af te zetten, en de privilegies van de katholieke staatsgodsdienst in de Charta af te schaffen". Maar nu de toorn Gods de zondaars bezoekt, wil mijnheer Quelen zijn gebed ten hemel richten en genade afsmeken, tenminste voor de onschuldigen want er sterven ook veel koningsgezinden.

Daarenboven heeft de heer Quelen, de aartsbisschop, zijn eigen slot CONSTANS aangeboden, om er een hospitaal in te richten. De regering heeft dit aanbod moeten weigeren, want het slot is een complete woestenij, helemaal verkrot, zodat de reparaties te veel gingen kosten. Hierbij moet gezegd dat de aartsbisschop geëist had, dat men hem de vrije hand zou laten in dat toekomstige hospitaal en, bij al het lichamelijke lijden van de arme zieken, wilde men niet óók nog eens hun zielen blootstellen aan de pijnlijke reddingspogingen, die de aartsbisschop en zijn geestelijke hulpjes op het oog hadden; men verkoos dus die verstokte revolutionnaire zondaars liever zonder vermaning betreffende de eeuwige Verdoemenis en het Hellevuur, zonder Biecht of Oliesel simpelweg aan de cholera te laten sterven. En alhoewel men beweert dat het katholicisme een passende religie is voor tijden die zo ongelukkig zijn als de dag van vandaag tóch willen de Fransen er zich niet meer in bekwamen. In gelukkiger dagen, zo vrezen ze, konden ze dan wel eens met die ziektereligie blijven zitten.

IV. Pčre Lachaise

Er lopen tegenwoordig heel wat verklede priesters rond tussen de mensen, met de boodschap dat een gewijde rozenkrans tegen de cholera beschermt. Onze linkse vrienden, de Saint-Simonisten, rekenen het bij de voordelen van hůn geloof dat er geen enkele Saint- Simonist aan de heersende plaag kan sterven ze redeneren zo: aangezien de vooruitgang een natuurwet is, en aangezien de sociale vooruitgang bij het Saint-Simonisme ligt, is het uitgesloten dat er één van hen sterft, zolang het aantal van hun apostelen nog ontoereikend is. De Bonapartisten houden vol dat als iemand de cholera bij hemzelf gewaar wordt, hij onmiddellijk de Vendômezuil moet aanschouwen: hij blijft dan in leven. Zo heeft eenieder in deze tijd van nood zijn geloof. Wat mij betreft: ik geloof in flanel.

Een goed diëet kan natuurlijk ook geen kwaad: alleen moet men dan weer niet zó weinig eten als sommige brave mensen doen, die 's nachts hun hongerkrampen voor de cholera houden. Het is vermakelijk om te zien hoe schuw de mensen tegenwoordig aan tafel zitten, en hoe ze daarbij de meest mensvriendelijke gerechten wantrouwig bekijken. Diepzuchtend slikken ze de allerfijnste hapjes door. De dokters hebben hun verteld dat ze geen vrees moeten koesteren en elke ergernis vermijden; maar nu vrezen ze juist dat ze zich onverhoeds aan iets zullen ergeren en het ergert hen dat ze daar schrik voor hebben. De mensen zijn de zachtmoedigheid zelve geworden, ze zeggen gedurig BON DIEU, en ze spreken met zachte stemmen, zo zacht als die van een pas bevallen vrouw. Daarbij ruiken ze als wandelende apotheken, betasten zich vaak de buik, en ze vragen om het uur met sidderende ogen naar het aantal doden. Dat men dat juiste aantal niet kent, of liever, dat men ervan overtuigd is dat de officiële cijfers niet kloppen, dat vult de gemoederen met een vage schrik en het jaagt de angst onmetelijk de hoogte in. Inderdaad, de kranten hebben sinds kort toegegeven dat er op één enkele dag, namelijk de tiende april, tweeduizend mensen gestorven zijn. Maar het volk liet zich niet officiëel bedotten en klaagde zonder ophouden: dat het er meer waren dan men toegaf. Mijn kapper vertelde me dat er een oude vrouw op de FAUBOURG MONTMARTRE de hele nacht voor het raam had gezeten om de lijken te tellen die men daar voorbij droeg. Ze had er meer dan driehonderd geteld en, toen bijna de morgen aanbrak, werd zijzelf overvallen door de koelte en de krampen van de cholera, en ze stierf kort daarop. Waar men ook kijkt op straat, overal waren er lijkstoeten, of wat nog melancholischer stemt wagens die door niemand gevolgd werden. Omdat er niet genoeg lijkwagens voorhanden waren, moest men allerlei andere vervoermiddelen gebruiken, en al werden die met zwart doek overtrokken het zag er geďmproviseerd uit. Maar ook dat volstond op den duur niet en ik zag lijkkisten die in fiakers gelegd werden; men zette die in het midden, zodat de beide uiteinden door de open zijdeuren naar buiten staken. Weerzinwekkend werd het toen de grote verhuiswagens ingezet werden, de wagens die men gebruikt om te emigreren. Dat werden nu doden- omnibussen, OMNIBUS MORTUIS, die in alle straten rondkwamen en de kisten oplaadden om ze per dozijn naar het kerkhof te brengen.

Yaş sınırı:
0+
Litres'teki yayın tarihi:
09 nisan 2019
Hacim:
17 s. 1 illüstrasyon
Telif hakkı:
Public Domain
İndirme biçimi:
Metin
Ortalama puan 4,7, 277 oylamaya göre
Ses
Ortalama puan 4,2, 741 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 4,8, 78 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 4,4, 45 oylamaya göre
Ses
Ortalama puan 4,8, 76 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 3, 2 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 0, 0 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 3, 1 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 4,7, 3 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 4,9, 7 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 5, 2 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 3, 2 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 0, 0 oylamaya göre
Metin
Ortalama puan 0, 0 oylamaya göre